Opname van Padouk, Afzelia, Khaya, Ipé en Cumaru op CITES zorgt voor extra zekerheid voor duurzame herkomst.

Wat is CITES?

CITES (Convention on International Trade in Endangered Species of Wild Fauna and Flora) is een internationale overeenkomst met als doel de internationale handel in bedreigde plant- en diersoorten te reglementeren. De soorten die beschermd worden door CITES zijn geklasseerd in verschillende lijsten (Bijlagen I, II en III), afhankelijk van de graad van bescherming die nodig is. De lijst waarin een soort is opgenomen, bepaalt of internationale handel is toegestaan en zo ja, onder welke voorwaarden.

Nieuwe houtsoorten op Bijlage II van CITES

De houtsoort Afrormosia (Pericopsis spp.) is sinds 1992 opgenomen in Bijlage II van Cites. We kunnen vaststellen dat de handel in deze populaire soort de voorbije jaren een positieve evolutie kende, mede dankzij deze regulering omtrent de duurzame en legale herkomst.

Tijdens de CITES CoP19 in november 2022 werd dan ook besloten om bijkomend de Afrikaanse populaties van Doussie (Afzelia spp.), Khaya Mahonie (Khaya spp.) en Padouk (Pterocarpus spp.) op te nemen in bijlage II, en dit vanaf 23/02/2023. [1]

Vanaf 23/11/2024 zullen ook de Zuid Amerikaanse houtsoorten Ipê (Handroanthus spp., Roseodendron spp. en Tabebuia spp.) en Cumaru (Dipteryx spp.) worden opgenomen in Bijlage II. [1]

[1] Deze soorten zijn opgenomen met annotatie #17: alleen stammen (HS-code 44.03), gezaagd hout (HS-code 44.06, HS-code 44.07), fineer (HS-code 44.08), gelaagd hout (HS-code 44.12.13, HS-code 44.12.14 en HS-code 44.22) en bewerkt hout (HS-code 44.09) zijn beschermd.

Wat betekent opname in Bijlage II van CITES?

Bijlage II omvat alle soorten die niet noodzakelijk met uitsterven bedreigd zijn, maar waarvan de handel gereguleerd moet worden om overexploitatie te vermijden. In sommige gevallen zijn niet alle soorten van het genus bedreigd, en zijn het slechts enkele soorten in specifieke groeigebieden die problematisch zijn. In dit geval kiest CITES ervoor om de volledige groep op te nemen om op praktische wijze de regulering en controles te organiseren.

Elke invoer, uitvoer en wederuitvoer van soorten die onder Bijlage II van CITES vallen, moet bijgevolg vergezeld worden van de nodige vergunningen. Deze vergunningen worden meestal afgeleverd op basis van exportquota per productieland. Deze exportquota zijn gebaseerd op wetenschappelijke studies om zo te komen tot een legale, traceerbare en bovenal duurzame exploitatie.

Conclusie

Door het opnemen van de eerder genoemde houtsoorten in Bijlage II, wil CITES de handel hiervan op duurzame wijze organiseren zonder de economische noden uit het oog te verliezen. Deze handel is vaak een belangrijke bron van inkomsten voor de lokale bevolking en tegelijk weet men binnen CITES dat duurzaam bosbeheer - met daarbij een duurzame houtoogst - de beste garantie is voor het voortbestaan van dit bos.

Er moet worden benadrukt dat het gebruik van deze houtsoorten u zekerheid biedt over de duurzame en legale herkomst van dit hout, m.a.w. het verdere gebruik ervan is zeker verantwoord. Deze CITES soorten zijn ook verkrijgbaar met internationaal erkende duurzaamheidscertificaten zoals FSC en PEFC. Door te werken met gecertificeerd hout kan de duurzame herkomst van het hout nog méér in de verf worden gezet

Meer informatie?