Home / Industrienieuws / Conjunctuur in de Belgische textielindustrie – 3 m 2026

Conjunctuur in de Belgische textielindustrie – 3 m 2026

FORSE OMZETSTIJGING BEGIN 2026 VERTEKEND DOOR UITZONDERLIJKE FACTOREN

De omzet van de Belgische textielindustrie steeg in het eerste kwartaal van 2026 met 10% tegenover dezelfde periode van 2025. Dat is een opvallende ommekeer na 2025, toen de sector een omzet van 4,8 miljard euro realiseerde, 2,4% minder dan in 2024. De sterke groei begin 2026 is echter voor een belangrijk deel toe te schrijven aan uitzonderlijke factoren. Nagenoeg alle productgroepen boekten in het eerste kwartaal van 2026 een hogere omzet. Alleen de weefsels lieten een daling optekenen (-5,1%). Bij technisch textiel, de grootste productgroep, nam de omzet met 1,3% toe, na een groei van 8,1% over heel 2025. Bij de tapijten, de tweede grootste productgroep, bleef de omzet nagenoeg stabiel (+0,1%). De opvallendste stijging deed zich voor bij de vezelvoorbereiding en garens, waar de omzet met maar liefst 64,8% toenam. Deze groei is volledig toe te schrijven aan een prijseffect: de prijs van vlasvezels lag in het eerste kwartaal van 2026 63,3% hoger dan een jaar eerder.

De sterke omzetgroei begin 2026 vertaalt zich dan ook niet in een hoger productievolume. In 2025 daalde het productievolume met 2,9% tegenover 2024 en lag het daarmee 25% lager dan in 2021. Ook in het eerste kwartaal van 2026 zette de daling zich voort: het productievolume lag 4% lager dan in dezelfde periode van 2025.

 

 

ZOWEL UITVOER ALS INVOER DALEN

Ongeveer 75% van de omzet van de Belgische textielindustrie wordt gerealiseerd via export. Tijdens de eerste vijf maanden van 2026 daalde de buitenlandse verkoop (inclusief doorvoer en exclusief geweven en gebreide kleding) met 1,2% tegenover dezelfde periode van 2025. De evolutie verschilde sterk naargelang de productgroep. Technisch textiel, veruit de belangrijkste exportcategorie, liet een daling van 2,1% optekenen. De uitvoer van interieurtextiel, de tweede grootste productgroep, nam met 5,4% af, terwijl de export van weefsels, voornamelijk bestemd voor kleding, met 2,7% terugviel. De sterkste daling deed zich voor bij garens, waarvan de uitvoer met maar liefst 23,9% afnam. Daartegenover stond een duidelijke groei van de buitenlandse leveringen van vezels (+13,4%) en gebreide stoffen (+10,2%).

Ook de invoer nam af en lag tijdens de eerste vijf maanden van 2026 5,2% lager dan een jaar eerder.  China blijft na de drie buurlanden, de belangrijkste leverancier van textiel aan België. Het land heeft een aandeel van 9,4% in de totale invoer, hoewel de Belgische invoer uit China (exclusief geweven en gebreide kleding) tijdens de eerste vijf maanden van 2026 met 14,6% daalde.

BELGISCHE BEDRIJVEN VERLIEZEN AAN CONCURRENTIEKRACHT

Hoewel het Midden-Oosten voor Belgische bedrijven als afzetmarkt relatief beperkt is, heeft het conflict in de regio toch een aanzienlijke economische impact. Vooral de stijgende energie-, grondstoffen- en transportkosten wegen op de bedrijfsresultaten. Daar komt de impact van de hogere inflatie nog bij. Via de automatische loonindexering vertaalt die zich rechtstreeks in hogere loonkosten, die in België al relatief hoog liggen. Voor een open economie als de Belgische vormt dat een bijkomende uitdaging. De nieuwe energieschok weegt door op de concurrentiekracht van Belgische ondernemingen. Bedrijven staan voor een moeilijke afweging: rekenen ze de hogere kosten volledig door in hun verkoopprijzen, dan dreigen ze marktaandeel te verliezen, zowel op de binnenlandse markt als in het buitenland. Houden ze de prijsstijgingen daarentegen beperkt, dan zullen ze een deel van de hogere kosten zelf moeten dragen, met een daling van hun winstmarges als gevolg.  Voor bedrijven betekenen deze hogere kosten een toenemende druk op zowel hun marges als hun concurrentiepositie.

Lees de volledige conjunctuurnota hier

Was dit artikel nuttig?