Waar de kiezer van wakker ligt… en welk beleid daar het gepaste antwoord op is

Opinie van 07/06/2019 door Fa Quix

Elke verkiezing heeft zijn verrassing. Op 26 mei 2019 was het niet anders. Het Vlaams Belang won, waarbij de grote vooruitgang ervan verraste. Ook aan de andere kant van het spectrum ging extreemlinks flink vooruit (PVDA). Alle meerderheidspartijen kregen een pandoering, van kleine tot grote. Maar ook de oppositiepartijen konden niet van dat verlies profiteren, tenzij een lichte winst voor Groen.

Na alle media-aandacht voor het klimaat was dat een pover resultaat. In Wallonië werd er wel overtuigend links gestemd, al kon regeringspartij MR de schade beperken. 

Wat zijn de belangrijke drijfveren geweest in het stemgedrag van de doorsnee kiezer? Die kiezer is niét de hoogopgeleide stedeling met een goedverdienende job in vaste overheidsdienst die zich met een bakfiets door de stad verplaatst. En die in dure steden zoals Gent of Leuven kan wonen. Dat is de uitzondering. De doorsnee kiezer is daarentegen een hardwerkende Vlaming die er veel moet voor doen om zijn leven min of meer georganiseerd te krijgen. En die zich vragen stelt. Niet over het klimaat (dat zal die stedeling in zijn cocon wel doen), maar wel over zijn toekomst en die van zijn kinderen, zijn job of zijn pensioen, zijn veiligheid en die van zijn gezin…

En die doorsnee kiezer (m/v) ziet dat de politici niet veel voor hem hebben gedaan. Hij ziet dat ze zijn wereld integendeel vooral ingewikkelder maken, hem geen perspectief op vooruitgang bieden en dat de migratie nog meer onzekerheid brengt. Dát zijn, terecht of onterecht, de overheersende gevoelens, maar dáár hebben de regeringspartijen onvoldoende rekening mee gehouden. En zelfs de (linkse) oppositie gaf daar geen afdoend antwoord op.

Dat bv. de stroomfactuur fors stijgt omdat men per se dure groene stroom wil subsidiëren, dat men met de ‘betonstop’ bouwen onbetaalbaar dreigt te maken voor de gewone mensen, dat men salariswagens wil afnemen zonder een correcte compensatie, dat men een ‘vliegtax’ op welverdiende buitenlandsvakanties wil heffen… Of dat door de hoge inkomstenbelastingen brutolonen overdreven worden afgeroomd (zelfs al heeft de taxshift het nettoloon verhoogd, vooral voor de laagste lonen)… Dat alles maakt de mensen boos. En dus zeggen zij “Foert!” tegen de traditionele partijen.

Welk beleid kan het vertrouwen tussen burgers en politici herstellen? 

Alles begint met een kerntakendebat: wat moet de overheid doen, écht doen dat belangrijk is voor de mensen en de bedrijven? En wat kan overgelaten worden aan de privésector?

Als het overheidsbeslag in België even hoog zou zijn als in Nederland, dan zou dat een minder-uitgave van circa 25 miljard euro betekenen. Daar kan men het netto-inkomen substantieel mee verbeteren, via lagere belastingen. En/of de Sociale Zekerheid versterken inclusief de gehandicaptenzorg, Politie & Justitie, Defensie, Openbare werken, Onderwijs, … Dát zijn de kerntaken van de overheid en ook dáárin moet men prioriteiten stellen, rigoureus. De overheid kan immers niet op álle vragen een antwoord bieden en moet dat helder aan de bevolking communiceren. Die overheidstaken moeten dan ook zo efficiënt mogelijk worden uitgeoefend. Nu krijgt de burger van de overheid te weinig kwaliteit terug voor een te hoge prijs.

Dat is natuurlijk een zeer moeilijke opdracht, toegegeven. Maar de politici moeten absoluut de échte noden van de mensen leren kennen, en dus goed naar hen luisteren, en géén voorstellen doen die zogezegd antwoorden zijn op vragen die de mensen (en de bedrijven) niet hebben. Weg dus met de ivorentorenmentaliteit!

Fa Quix, directeur-generaal