Vluchten kan niet meer

Opinie van 24/09/2015 door Fa Quix

Europa rolt van de ene crisis in de andere. Na de nog deels aanhoudende ‘Grote Recessie’ als gevolg van de bankencrisis in 2008-2009 was er deze zomer eerst de dreiging van een ‘Grexit’ (binnenkort ook de uitdaging van het referendum over een ‘Brexit’) gevolgd door de acute problematiek van de oorlogsvluchtelingen, en in het zog ervan het op de helling zetten van het Schengenakkoord van vrij verkeer van personen in de EU. Sommigen spreken ronduit van het failliet van de Europese Unie.

Maar is dat wel zo? Crisissen zijn uitdagingen. Het is aan onze politieke leiders om die aan te pakken. Doen ze dat snel genoeg en gepast? Het kan altijd beter. Maar er is toch telkens de wil om de problemen op te lossen, met duidelijke actie. En dat het soms niet snel genoeg zou gaan, komt door het democratische besluitvormingsproces. Democratie vergt tijd, maar het is en blijft het beste systeem (of moeten we zeggen het ‘minst slechte’?) om welvaart te creëren. Immers, de welvaart en de verdeling van die welvaart is bij uitstek het grootst in democratieën. De vluchtelingenstroom naar het westen getuigt hiervan. We moeten die democratie dus koesteren. De nadelen van het trage(re) besluitvormingsproces moeten we er maar bij nemen.

De leiders in de Europese Unie tonen ook voortschrijdend inzicht. Dat is geen schande, maar een teken van politieke moed. Dat de Duitse bondskanselier Merkel haar welkom aan de vluchtelingen een halt heeft moeten toeroepen, door tijdelijk de grenzen te sluiten – inderdaad tijdelijk – verandert niets ten gronde: echte oorlogsvluchtelingen moeten asiel kunnen blijven krijgen, maar de opvang moet ook materieel en praktisch organiseerbaar zijn. “Niet allemaal tegelijk!”, zeggen we soms toch ook? Maar de verantwoordelijkheid ontvluchten om de oorlogsvluchtelingen in het westen op te vangen is geen optie.

In principe zouden de oorlogsvluchtelingen na het beëindigen van het conflict naar hun land moeten terugkeren. Een aantal zal dat zeker ook doen: het blijft immers hun thuisland. Zoals de meeste Belgische vluchtelingen van de twee wereldbranden van vorige eeuw ook terugkeerden naar België na de oorlog. Maar niemand weet hoe lang zo’n conflict zal duren. En intussen zijn die mensen bereid om hier te werken, om een toekomst op te bouwen, al was het maar tijdelijk. Voor de bedrijven is dit eerder een kans dan een bedreiging. Nu al is het moeilijk om geschikte arbeidskrachten te vinden in de regio’s waar onze industriële bedrijven het sterkst aanwezig zijn. Gemotiveerde arbeidskrachten, die interesse hebben in techniek, of in onze industrie in het algemeen, zijn zeker welkom.

Maar laat ons ook realistisch zijn. Hen snel integreren in onze bedrijven zal niet evident zijn. Mede door een mogelijk gebrek aan de nodige talenkennis, die echter essentieel is om de instructies te kunnen begrijpen, ook bijvoorbeeld inzake arbeidsveiligheid. En de competenties moeten worden gescreend, wat niet alleen tijd vraagt maar ook vaak zal resulteren in noodzakelijke bij- of omscholing. 

Zomaar onmiddellijk inzetbaar zullen de meeste asielzoekers wellicht niet zijn. De rol van de arbeidsbemiddelingsbureaus zal dus cruciaal zijn.

Vluchten kan niet meer wat betreft onze verantwoordelijkheid als samenleving en als bedrijfsleven, die vrede en welvaart brengen. Maar laat ons vooral hopen dat de diplomatie in de VN haar werk zal doen om de conflicten te beëindigen. Zodat vluchten niet meer hoeft.

Fa Quix, directeur-generaal, en Filip De Jaeger, adjunct-directeur-generaal