Ja, de koopkracht stijgt!

Opinie van 10/06/2016 door Fa Quix

Ach, het is altijd al een welles-nietes-spelletje geweest als het over koopkracht gaat. Bij de vakbonden is er de laatste jaren alleen maar sprake van achteruitgang. Niet moeilijk als je slechts kijkt naar de ‘verlieskant’, bv. de hogere uitgaven door regeringsmaatregelen zoals hogere btw op elektriciteit, de hogere accijnzen op bv. diesel enz. En dan is er ook nog de indexsprong. Tegelijk onderbelichten de vakbonden de positieve aspecten: het luik in de taxshift dat het nettoloon verhoogt, de recente cao-afspraken inzake koopkrachtverhoging, en niet te vergeten, de nettotoename van jobs (minstens +29.000 in 2015) waardoor meer mensen een job hebben en dus koopkracht verwerven.

Akkoord dat in deze tijden de plussen en de minnen mekaar voor een gedeelte opheffen, maar toch komt de Nationale Bank tot de vaststelling dat het netto beschikbaar inkomen van de gezinnen per saldo zo’n 1,3 % gestegen is vorig jaar. En dat is nog vóór de taxshift zijn uitwerking heeft gekregen, want die is pas begin dit jaar gestart. Of zoals een bedrijfsleider het uitdrukte: “Als we het nu ’s zo zouden formuleren: het nettoloon zal dit jaar met circa een halve maand netto toenemen op jaarbasis, dankzij de belastingverlaging van de taxshift, en de uitvoering van de cao.” Zo dramatisch diep zitten deze regeringen dus niet in de zakken van de mensen.
 
De bedrijven zouden óók graag hebben dat de mensen nog méér netto zouden overhouden van wat zij de werkgever bruto kosten. De verhouding tussen nettoloon en brutoloonkost is gemiddeld nog altijd ongeveer één op drie, zowat de grootste kloof in de wereld. Maar als men die kloof verder wil dichten door een minder zwaar overheidsapparaat, dan komen de vakbonden van de openbare diensten meteen op straat om te betogen tegen ‘de onverantwoorde afbouw van de openbare dienstverlening, of de afbraak van de sociale zekerheid’. Toch moet een verdere daling van het totale overheidsbeslag van nu 54 % tot onder de 50 % de ambitie zijn. Dat zal ruimte creëren voor een nieuwe taxshift, óók voor koopkrachtondersteuning en dus in het belang van de werknemers.
 
En loonsverhogingen? In dit land van hoge lonen vernietigen die alleen maar jobs, laat staan dat ze jobs zouden creëren. Want finaal moeten de bedrijven de totale brutoloonkost in de prijs van hun producten verrekenen, en de klanten moeten bereid blijven om dat allemaal te betalen. Vandaar dat het tweede luik van de taxshift de verbetering van de concurrentiekracht van de ondernemingen beoogt. Tussen haakjes: daarvoor is een kleiner overheidsbudget voorzien dan voor het zonet vermelde taxshift-luik voor de koopkrachtverbetering van de werknemers.
 
En het werkt, de resultaten zijn er: er komen jobs bij, en dus ook meer koopkracht in de economie. Want alleen een economie die groeit kan de koopkracht verbeteren, collectief en individueel. Daarom is het debat van de verbetering van het concurrentievermogen van de industrie/economie zo nauw verbonden met het debat van de koopkracht. Maar blijkbaar heeft nog niet iedereen deze boodschap begrepen.
 
Fa Quix, directeur-generaal