Hervorming van de vennootschapsbelasting: ja, maar…

Opinie van 08/12/2016 door Fa Quix

Er is veel te doen over de hervorming van de vennootschapsbelasting. Op zich niets op tegen. Op voorwaarde dat het voor de vennootschappen een verbetering is. Maar wordt het dat wel? Toch enkele verduidelijkingen.

Vooreerst zijn de krantenkoppen die spreken van een ‘verlaging’ van de vennootschapsbelasting misleidend, of toch op zijn minst voorbarig. Ja, er is sprake van een verlaging van het faciaal tarief van 34 % naar 25 %, zelfs 20 %... maar in één adem wordt steevast gesproken van een ‘budgetneutrale’ hervorming. Wat dus betekent dat het gaat om een verschuiving, een herverdeling tussen de bedrijven, en dus geen algemene verlaging. Of zoals Itinera-econoom Ivan Vandecloot het stelde: “Bij die hervorming zullen er bedrijven zijn die minder vennootschapsbelasting zullen betalen, maar andere meer”.

En dat leidt tot die andere verduidelijking: niets verschilt zozeer tussen bedrijven, zelfs uit dezelfde sector, als het bedrijfsresultaat. Er zijn bedrijven die na een herstructurering grote overdraagbare verliezen hebben, er zijn er die net een zwaar investeringsprogramma hebben beëindigd en hoge afschrijvingen hebben, er zijn er die inkomsten halen uit hun buitenlandse vestigingen, er zijn er die scherp op de snee concurreren met kleine marges, andere zitten comfortabeler in hun niche, enzovoort. 

Een hervorming van de vennootschapsbelasting ‘one size fits all’ is dus eigenlijk een ‘mission impossible’, ook al heeft vereenvoudiging op zich wel zijn verdienste.

Maar ook bepaalde aftrekken, die met de hervorming van de vennootschapsbelasting zouden sneuvelen, hebben hun verdienste. Neem nu de notionele intrestaftrek. Alle economische analisten zijn het erover eens: het heeft heel wat bedrijven, zeker ook kmo’s, door de Grote Recessie van 2008-2009 geholpen. Waarom? Omdat de notionele intrestaftrek de financiering met eigen geld stimuleert in plaats van met leningen (omdat het de discriminatie in fiscale behandeling van geleende middelen en eigen middelen wegwerkt). Door die inbreng van eigen kapitaal hadden deze bedrijven een buffer toen de banken plots moeilijk deden in de crisis van 2008-2009. Gaat België dit systeem met de genoemde verdienste afvoeren net op een moment dat de Europese Commissie het op Europees niveau wil invoeren?

Dat de hervorming van de vennootschapsbelasting minstens tot 2018 wordt uitgesteld, is geen ramp. Want als men het systeem grondig wil veranderen, moet het écht een verbetering zijn (lees: vereenvoudiging én verlaging). Dat men er nog maar eens goed over nadenkt. Want rechtszekerheid is ook een factor voor (buitenlandse) ondernemingen om te (blijven) investeren. Dus geen half werk noch avonturen in de vennootschapsbelasting.

Hervorming: ja, maar…

Fa Quix, directeur-generaal