De relance van onze economie moet nu topprioriteit zijn

Opinie van 12/06/2020 door Fa Quix

Deze crisis snijdt dieper en duurt langer dan alle voorgaande. De economische en sociale schade is groot. Zeer groot. Naar schatting zullen een kwart miljoen mensen nog dit jaar hun job verliezen, 180.000 werknemers in de privésector en 70.000 zelfstandigen.

Zonder lockdown zouden zij wellicht aan de slag gebleven zijn. Dat zou de regering(en) ertoe moeten aanzetten om minstens twee keer na te denken vooraleer ze opnieuw tot zo’n brutale sluiting van de economie overgaan. Iets wat onze economie trouwens geen tweede keer zou overleven.

Maar nu de gezondheidscrisis zo goed als bezworen is en de exit uit de lockdown al gedeeltelijk verwezenlijkt – maar nog niet overal en nog niet in alle landen (zie bv. het VK) – is het hoog tijd om de focus te richten op de relance van de economie.

Welke maatregelen kunnen daar zoal toe bijdragen? Een eerste voorwaarde is ongetwijfeld het herwinnen van het vertrouwen van de consument. In plaats van #blijfinuwkot moeten de overheden nu duidelijk proclameren #komuituwkot! Waarbij de toegankelijkheid tot de winkels zo soepel mogelijk – zij het coronaproof – moet gemaakt worden. Nodeloos ingewikkelde regelingen, zoals bv. verplicht éénrichtingsverkeer in de winkelstraten, schrikken de consumenten af.

Fedustria lanceerde op 8 juni in eigen land de campagne ‘Geef meer driekleur aan je interieur’. De bedoeling is om de consument, die tijdens de lockdown zijn eigen thuis (en tuin) noodgedwongen herontdekt heeft, te motiveren om die ook te verfraaien en herin te richten, met nieuw binnen- en buitenmeubilair, nieuwe vloerbekleding, gordijnen, een opfrissing van de slaapkamer, of een nieuwe keuken… U kan de campagne op de radio en online volgen.

Maar er moeten ook maatregelen komen om de bedrijven te versterken. Stimulansen zijn nodig om het soms aangetaste eigen vermogen te versterken. Maar meer specifiek moeten de investeringen worden aangemoedigd. Door tijdelijk, zeg maar de komende drie jaar, de afschrijvingen op nieuwe investeringen tot bv. 200 % toe te laten. En de Gewesten kunnen de innovatie aanmoedigen met extra steun voor toegepast onderzoek in de bedrijven.

We zullen ook kostencompetitief moeten blijven. De veiligheidseisen die corona ons oplegt zoals de social distancing – voor hoe lang weet niemand – tasten de productiviteit aan. De sociale lasten op arbeid moeten daarom verder naar omlaag, niet cosmetisch, maar reëel. Zonder dat dit de globale belastingdruk verhoogt. Vóór corona was er quasi-consensus dat er een verschuiving van lasten op arbeid naar lasten op o.a. consumptie moest gebeuren. Wij moeten vaststellen dat de federale regering tijdens deze crisis zowat het omgekeerde heeft gedaan, zie de btw-verlaging voor de horeca.

En tot slot mogen we niet vergeten dat wij leven van de export. Focus op een open interne markt, die in deze coronacrisis spijtig genoeg protectionistische trekjes heeft laten zien. 80 % van onze export gaat naar de andere EU-landen. De interne markt is trouwens nog lang niet voltooid: dat moet een topprioriteit zijn voor de Europese Commissie. Tevens is het spook van de Brexit nog steeds niet verjaagd. Alles op alles moet gezet worden opdat er geen harde Brexit komt met invoertarieven, administratieve rompslomp en vertragingen in het transport. Om nieuwe exportmogelijkheden te verkennen rekenen we ook op de steun en medewerking van de gewestelijke exportagentschappen zoals FIT in Vlaanderen.

Fa Quix, directeur-generaal