De heropening van de economie had sneller en vlotter gekund

Opinie van 08/05/2020 door Fa Quix

Dat de regering geen andere keuze had dan de lockdown light af te kondigen, vanaf 18 maart, daar kan men begrip voor opbrengen. Het coronavirus bleek besmettelijker dan gedacht, en (vooral voor de oudere mensen) dodelijker dan gedacht. Men moest de capaciteit in de ziekenhuizen in het oog houden. Flattening the curve, weet u nog, om ons te overtuigen.

Maar wat daarna kwam, is niet altijd – of zeg maar meestal niet – een toonbeeld van goed beleid geweest. Toegegeven, de beste stuurlui staan aan wal, maar alleen al de veelheid aan taskforces en het kluwen van adviezen, heeft een heldere, eenduidige en geloofwaardige aanpak in de weg gestaan. Om nog maar te zwijgen van de saga van de mondmaskers. Niet minder dan vijf (!) ministers hielden/houden zich daarmee bezig… met als resultaat dat de burger vooral zijn/haar eigen mondmasker mag stikken… Sinds 4 mei is het dragen van mondmaskers op diverse plaatsen, zoals het openbaar vervoer, verplicht.

Maar ook voor de bedrijven ging de regering in de fout: door veel te lang te wachten met het – veilig, uiteraard – heropenen van de winkels. De meeste winkels waren na de Paasvakantie, na vijf weken lockdown, coronaproof klaar om weer open te gaan. Dat was dan op 20 april. Maar die toelating werd pas later gegeven, om drie weken later open te gaan. Intussen mochten wel al de tuincentra en de doe-het-zelf-zaken opengaan… die ook meubels verkopen; meubels die ook de reguliere meubelwinkels aanbieden… die niét open mochten. Discriminerend én concurrentievervalsend. Dat vond ook de auditeur bij de Raad van State… maar die werd ‘overruled’ door de voltallige Raad, hetgeen zeer uitzonderlijk is. Coronatijden zeker…

Uiteindelijk werd dus op 24 april het signaal gegeven dat op 4 mei de B2B-bedrijven opnieuw open mochten, en dan vanaf 11 mei de winkels – àlle winkels deze keer, zonder onderscheid. Drie weken te laat eigenlijk, waardoor onnodig veel extra economische schade werd aangebracht, door de overheid zelf. In Nederland bv. zijn de winkels nooit verplicht dicht moeten blijven. En als toppunt van het gebrek aan leiderschap van deze federale regering was de aankondiging al meteen de dag erna, op 25 april, dat de heropening van de winkels op 11 mei misschien toch niet zou gebeuren. ‘Als de cijfers niet gunstig genoeg zouden evolueren’. Waar is de rechtszekerheid in dit land gebleven? Intussen is 11 mei bevestigd.

Ook economisch klopte het verhaal niet: eerst de productiebedrijven openen en pas een week daarna de winkels?

Het had net andersom gemoeten. Want wat gaan de fabrikanten maken als er geen bestellingen uit de winkels komen, zoals in het geval van de meubels? Ten andere, de productiebedrijven zijn nooit echt gesloten geweest. Sommige werden wel ingedeeld als ‘niet-essentiële activiteiten’ – what’s in a name? Maar als zij de veiligheidsvoorschriften en vooral de social distancing konden waarborgen, konden zij gewoon doorwerken… Alleen… deden de meeste dat niet… precies wegens een gebrek aan bestellingen uit de winkels (of uit de bouw die ook nodeloos lang gesloten bleef door de weigerachtige houding van enkele vakbonden).

Tot slot nog een woordje over de heropening van de scholen: die zouden vanaf 15 (of 18) mei opengaan: maar de ingewikkelde regels maken dit onwerkbaar. Het resultaat zal zijn dat de meeste kinderen niet terug naar school kunnen. En dat stelt bovendien een probleem aan hun ouders die daardoor moeilijk of niet opnieuw aan de slag kunnen in hun bedrijf. En onderwijs is een gewestelijke bevoegdheid…

Fa Quix, directeur-generaal